Wie vanuit de lucht naar Gelderland kijkt, ziet een provincie met uitgestrekte bossen, rivieren, landbouwgrond en natuurgebieden. Op het eerste gezicht lijkt ruimte hier nauwelijks een probleem. Toch is juist die ruimte de komende decennia het onderwerp van een van de grootste politieke en maatschappelijke discussies van de provincie.
Vrijwel iedere vierkante kilometer krijgt steeds meer functies toebedeeld. Er zijn duizenden nieuwe woningen nodig, bedrijven zoeken uitbreidingsruimte, de energietransitie vraagt om nieuwe hoogspanningsverbindingen en transformatorstations, landbouw verandert ingrijpend, natuur moet worden versterkt en door klimaatverandering ontstaat een groeiende behoefte aan waterberging en klimaatbestendige inrichting. De vraag is daardoor niet langer óf Gelderland verandert, maar hoe die veranderingen een plaats krijgen.
Dat is de achtergrond van de nieuwe Omgevingsvisie waarmee de provincie de koers tot 2050 wil bepalen. Volgens de provincie voldoet de huidige Omgevingsvisie Gaaf Gelderland uit 2018 niet meer aan de uitdagingen van deze tijd. Daarom is een volledig vernieuwde visie opgesteld die de komende jaren richting moet geven aan vrijwel alle grote ruimtelijke keuzes in Gelderland. Volgens de officiële toelichting gaat het daarbij nadrukkelijk niet alleen om woningbouw of natuur, maar om de samenhang tussen alle ruimtelijke opgaven. Zie de officiële pagina over de vernieuwing van de Omgevingsvisie Gelderland.
Ruimte is niet langer vanzelfsprekend
Nederland behoort tot de dichtstbevolkte landen van Europa en ook Gelderland merkt de gevolgen daarvan. Hoewel de provincie qua oppervlakte de grootste van Nederland is, betekent dat niet dat grond automatisch beschikbaar is voor nieuwe ontwikkelingen.
Een groot deel van Gelderland bestaat uit landbouwgebied, waardevolle natuur, riviergebieden, infrastructuur en bestaande bebouwing. Veel van die gebieden hebben bovendien wettelijke bescherming of vervullen meerdere functies tegelijk. Daardoor is de beschikbare ruimte in de praktijk aanzienlijk kleiner dan de kaart doet vermoeden.
Juist dat inzicht vormt het vertrekpunt van de ontwerp-Omgevingsvisie. De provincie kijkt niet langer afzonderlijk naar wonen, economie, natuur of mobiliteit, maar probeert alle belangen tegelijkertijd af te wegen. Dat betekent dat iedere nieuwe ontwikkeling ook gevolgen heeft voor andere functies in hetzelfde gebied.
Een andere manier van plannen
Die integrale benadering betekent een duidelijke koerswijziging. Waar ruimtelijke plannen vroeger vaak per onderwerp werden ontwikkeld, kiest de provincie nu voor één overkoepelende visie. Nieuwe woningbouw wordt bijvoorbeeld niet alleen beoordeeld op de beschikbaarheid van grond, maar ook op bereikbaarheid, waterveiligheid, bodemkwaliteit, natuur, energievoorziening en leefbaarheid.
Daarmee verschuift de aandacht van afzonderlijke projecten naar de vraag hoe Gelderland als geheel wil groeien. De provincie spreekt daarbij over een ruimtelijke hoofdstructuur die richting moet geven aan toekomstige besluiten. Gemeenten behouden hun eigen bevoegdheden, maar provinciale keuzes krijgen meer gewicht wanneer verschillende belangen met elkaar botsen.
De druk neemt verder toe
Dat deze nieuwe aanpak nodig is, hangt samen met ontwikkelingen die elkaar in hoog tempo opvolgen. De bevolking groeit nog steeds, de vraag naar woningen blijft hoog, ondernemers investeren in uitbreiding en tegelijkertijd neemt de druk op natuur, water en het elektriciteitsnet toe.
Ook klimaatverandering speelt daarin een steeds grotere rol. Langdurige droogte, hevige neerslag en hogere rivierafvoeren laten zien dat de inrichting van de leefomgeving niet meer uitsluitend kan worden gebaseerd op economische of demografische ontwikkelingen. Water en bodem worden steeds vaker uitgangspunt voor nieuwe ruimtelijke keuzes. Dat principe is ook uitgewerkt in het Omgevingseffectrapport (OER) bij de Omgevingsvisie.
Niet iedere wens past nog op de kaart
De ontwerp-Omgevingsvisie laat zien dat de provincie niet langer uitgaat van onbeperkte ontwikkelingsruimte. In plaats daarvan wordt de beschikbare ruimte gezien als een schaars goed dat zorgvuldig moet worden verdeeld. Dat betekent dat nieuwe plannen steeds vaker tegen elkaar worden afgewogen.
Een nieuwe woonwijk kan bijvoorbeeld gevolgen hebben voor landbouwgrond, terwijl uitbreiding van een bedrijventerrein invloed kan hebben op natuur, waterberging of de kwaliteit van het landschap. Ook de aanleg van nieuwe energievoorzieningen, zoals hoogspanningsverbindingen of transformatorstations, vraagt ruimte die niet meer voor andere functies beschikbaar is.
Volgens de provincie is juist die stapeling van belangen de belangrijkste reden om de ruimtelijke inrichting anders te benaderen dan enkele jaren geleden. De ontwerp-Omgevingsvisie spreekt daarom niet alleen over ambities, maar ook over de noodzaak om keuzes te maken.
Water en bodem als vertrekpunt
Een van de meest opvallende veranderingen is dat water en bodem een veel grotere rol krijgen bij toekomstige ruimtelijke besluiten. De provincie sluit daarmee aan bij het landelijke uitgangspunt dat natuurlijke omstandigheden steeds vaker leidend moeten zijn bij de inrichting van Nederland.
Dat betekent bijvoorbeeld dat niet iedere locatie automatisch geschikt wordt geacht voor woningbouw of bedrijvigheid. Gebieden die gevoelig zijn voor droogte, wateroverlast of bodemdaling vragen om een andere afweging dan locaties waar die risico’s veel kleiner zijn.
In het bijbehorende Omgevingseffectrapport (OER) zijn de gevolgen van verschillende ruimtelijke keuzes naast elkaar gelegd. Het rapport vormt daarmee een belangrijke onderlegger voor de politieke besluitvorming in Provinciale Staten.
Een visie die verder kijkt dan morgen
Waar veel beleidsstukken een looptijd van enkele jaren hebben, kijkt de Omgevingsvisie vooruit naar 2050. Dat is niet zonder reden. Woonwijken, bedrijventerreinen, natuurverbindingen en grote infrastructurele projecten bepalen vaak tientallen jaren hoe een gebied eruitziet.
De provincie wil daarom nu al richting geven aan ontwikkelingen die pas over tien of twintig jaar volledig zichtbaar worden. De keuzes die vandaag worden gemaakt, bepalen immers mede waar toekomstige generaties kunnen wonen, ondernemen, recreëren en landbouw bedrijven.
Tegelijkertijd benadrukt de provincie dat de Omgevingsvisie geen blauwdruk is waarin ieder perceel al een definitieve bestemming krijgt. Gemeenten behouden een belangrijke rol bij de uitwerking van plannen, maar doen dat wel binnen de provinciale koers die nu wordt uitgezet.
Meer dan een beleidsdocument
Daardoor is de nieuwe Omgevingsvisie veel meer dan een verzameling kaarten of beleidsdoelen. Het document laat zien hoe Gelderland de beschikbare ruimte de komende decennia wil verdelen en welke belangen daarbij zwaarder of juist minder zwaar kunnen gaan wegen.
Voor inwoners zal dat niet onmiddellijk zichtbaar zijn. Toch kunnen de gevolgen op termijn groot zijn. De locatie van nieuwe woonwijken, uitbreidingsmogelijkheden voor bedrijven, ruimte voor landbouw, bescherming van natuur en investeringen in bereikbaarheid worden in belangrijke mate beïnvloed door de keuzes die nu worden voorbereid.
De provincie heeft de ontwerp-Omgevingsvisie inmiddels ter besluitvorming aangeboden aan Provinciale Staten. Na behandeling en verwerking van eventuele wijzigingen moet het document de huidige Omgevingsvisie vervangen en het nieuwe ruimtelijke kader voor Gelderland vormen. Meer informatie over de procedure is te vinden op de officiële projectpagina van de provincie Gelderland.
Op weg naar de ruimtelijke keuzes
Waarom de provincie tot een nieuwe Omgevingsvisie is gekomen, is daarmee duidelijk. Veel interessanter is de vervolgvraag: welke keuzes maakt Gelderland nu eigenlijk?

Van ambities naar keuzes
Na de vraag waarom Gelderland een nieuwe Omgevingsvisie nodig heeft, volgt de kern van het verhaal: welke keuzes maakt de provincie nu daadwerkelijk?
Volgens de ontwerp-Omgevingsvisie is de druk op de beschikbare ruimte zo groot geworden dat niet iedere ontwikkeling meer vanzelfsprekend een plaats kan krijgen. Woningbouw, economische groei, landbouw, natuur, waterbeheer, energievoorziening en bereikbaarheid vragen allemaal om ruimte, terwijl diezelfde ruimte steeds intensiever wordt gebruikt. De provincie kiest daarom voor een integrale benadering waarbij ruimtelijke opgaven niet langer afzonderlijk worden beoordeeld, maar in samenhang. Dat uitgangspunt vormt de basis van de nieuwe Omgevingsvisie.
Niet langer alles tegelijk
Een belangrijk verschil met de huidige Omgevingsvisie Gaaf Gelderland uit 2018 is dat de provincie nadrukkelijker prioriteiten stelt. Waar voorheen vooral werd beschreven welke ambities Gelderland had, staat nu centraal welke ontwikkelingen samen kunnen gaan en waar keuzes noodzakelijk zijn.
Dat betekent niet dat bepaalde functies automatisch belangrijker zijn dan andere. Wel maakt de provincie duidelijk dat iedere ruimtelijke ingreep gevolgen heeft voor de omgeving. Een nieuwe woonwijk vraagt bijvoorbeeld niet alleen bouwgrond, maar ook ruimte voor wegen, openbaar vervoer, drinkwater, energievoorzieningen, scholen en groen. Die samenhang loopt als een rode draad door de ontwerp-Omgevingsvisie.
Water en bodem bepalen steeds vaker de mogelijkheden
Een van de meest opvallende koerswijzigingen is dat water en bodem een belangrijker uitgangspunt worden bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. De provincie sluit daarmee aan bij het landelijke principe ‘Water en Bodem Sturend’.
De afgelopen jaren maakten perioden van droogte, hevige regenval en hoge rivierafvoeren duidelijk dat niet iedere locatie geschikt is voor intensieve bebouwing of nieuwe economische activiteiten. De ontwerp-Omgevingsvisie kiest daarom nadrukkelijk voor een inrichting die beter aansluit bij de natuurlijke eigenschappen van een gebied. Daarmee moeten toekomstige problemen en kostbare aanpassingen zoveel mogelijk worden voorkomen.
Woningbouw blijft noodzakelijk
Dat betekent niet dat de woningbouw naar de achtergrond verdwijnt. Integendeel. De provincie onderkent dat de behoefte aan nieuwe woningen groot blijft en dat gemeenten voldoende mogelijkheden moeten houden om te bouwen.
De manier waarop nieuwe woonlocaties worden gekozen, verandert echter wel. Niet alleen de beschikbaarheid van grond speelt een rol, maar ook de gevolgen voor water, natuur, bereikbaarheid, energie en de kwaliteit van de leefomgeving. Daarmee verschuift de aandacht van zoveel mogelijk bouwen naar bouwen op locaties die ook op langere termijn geschikt zijn.
Landbouw krijgt een andere positie
Ook voor de landbouw betekent de nieuwe Omgevingsvisie een verandering. Gelderland wil een economisch sterke agrarische sector behouden, maar tegelijkertijd werken aan verbetering van natuur, biodiversiteit, waterkwaliteit en klimaatbestendigheid.
Volgens de provincie vraagt dat om maatwerk. Niet ieder gebied kent dezelfde opgaven. In sommige regio’s ligt de nadruk op voedselproductie, terwijl elders natuurontwikkeling, waterbeheer of een combinatie van functies meer voor de hand ligt. Daarmee kiest de provincie nadrukkelijk voor een gebiedsgerichte aanpak.
Economie en energie vragen eveneens ruimte
De provincie wil tegelijkertijd voldoende ruimte houden voor bedrijvigheid en innovatie. Nieuwe bedrijventerreinen, logistieke verbindingen en economische clusters blijven belangrijk voor de werkgelegenheid en de concurrentiekracht van Gelderland.
Daar komt een extra ruimtevraag bij. De energietransitie vraagt om uitbreiding van het elektriciteitsnet, nieuwe transformatorstations, kabelverbindingen en andere energie-infrastructuur. Ook deze voorzieningen moeten een plaats krijgen in een provincie waar de beschikbare ruimte steeds schaarser wordt.
Eén afweging in plaats van losse besluiten
De grootste verandering zit uiteindelijk niet in één afzonderlijke maatregel, maar in de manier waarop besluiten worden genomen.
Waar vroeger vaak per onderwerp werd gekeken naar woningbouw, landbouw, natuur of economie, wil de provincie al deze belangen gelijktijdig afwegen. Daardoor ontstaat volgens de ontwerp-Omgevingsvisie een beter beeld van de gevolgen van iedere ruimtelijke keuze voor de leefomgeving als geheel.
Dat betekent ook dat toekomstige besluiten ingewikkelder worden. Een oplossing die gunstig is voor de woningbouw kan nadelige gevolgen hebben voor natuur of waterbeheer. Omgekeerd kan extra ruimte voor natuur invloed hebben op landbouw of economische ontwikkeling. Juist het zoeken naar die balans vormt de kern van de nieuwe Omgevingsvisie.
De basis voor de komende decennia
De ontwerp-Omgevingsvisie is daarmee meer dan een beleidsdocument voor de komende bestuursperiode. De keuzes die nu worden gemaakt, bepalen in belangrijke mate hoe Gelderland zich richting 2050 ontwikkelt.
Waar kunnen nieuwe woningen komen? Welke bedrijventerreinen kunnen uitbreiden? Hoe blijft de landbouw toekomstbestendig? Welke natuurgebieden worden versterkt? En hoe wordt de provincie voorbereid op een veranderend klimaat?
Dat zijn de vragen waarop de Omgevingsvisie een richtinggevend antwoord probeert te geven. De concrete uitwerking volgt de komende jaren in provinciale, regionale en gemeentelijke plannen, maar het fundament wordt nu gelegd.
Brug naar deel 2
De uitgangspunten van de nieuwe Omgevingsvisie gelden voor heel Gelderland, maar de uitwerking verschilt sterk per regio. De uitdagingen op de Veluwe zijn anders dan die in de Foodvalley, het Rivierengebied, de Achterhoek, de Stedendriehoek of de regio Arnhem-Nijmegen.
In het volgende, uitgebreide deel bekijken we hoe die regionale verschillen terugkomen in de nieuwe ruimtelijke koers van de provincie en waarom één Omgevingsvisie in de praktijk leidt tot verschillende keuzes.
Binnenkort deel 2: Eén provincie, zes verschillende toekomstbeelden
Wat is een omgevingsvisie?: Iedere provincie is op grond van de Omgevingswet verplicht een omgevingsvisie vast te stellen. Daarin beschrijft zij de langetermijnvisie op de fysieke leefomgeving. De visie bevat geen concrete bouwvergunningen of bestemmingsplannen, maar vormt wel het strategische kader voor toekomstige besluiten over wonen, natuur, economie, mobiliteit, water en energie. Gemeenten werken deze provinciale koers vervolgens uit in hun eigen omgevingsvisies en omgevingsplannen.
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.
Weergaven: 113






