De Nederlandse industrie heeft in april een duidelijke groeiversnelling laten zien. Volgens nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) lag de industriële productie bijna 5 procent hoger dan in dezelfde maand een jaar eerder. Daarmee noteert de sector de sterkste jaar-op-jaargroei van de afgelopen periode en lijkt het herstel, dat zich eerder al voorzichtig aftekende, verder aan kracht te winnen.
Sterkste groei sinds lange tijd
Na een periode waarin de industrie kampte met terugvallende vraag, hoge energieprijzen en economische onzekerheid, wijzen de nieuwste cijfers op een omslag. Eerder dit jaar groeide de productie nog met 1,0 procent in januari en 1,7 procent in maart. De sprong naar bijna 5 procent in april betekent daarom een aanzienlijke versnelling van het groeitempo.
De ontwikkeling past in een breder beeld waarin de Nederlandse maakindustrie langzaam uit een langdurige periode van stagnatie kruipt. Sinds 2024 bleef het productieniveau gemiddeld genomen grotendeels stabiel, maar de recente cijfers suggereren dat de sector weer meer momentum krijgt.
Grote verschillen tussen sectoren
Achter de positieve totaalcijfers gaan echter aanzienlijke verschillen tussen bedrijfstakken schuil. Vooral de machine-industrie behoort al maanden tot de sterkste groeiers. Ook bedrijven die actief zijn in de reparatie en installatie van machines dragen bij aan de stijgende productie. Daartegenover staan sectoren zoals de chemische industrie en producenten van elektrische en elektronische apparatuur, waar de productieontwikkeling achterblijft of zelfs afneemt.
Deze uiteenlopende prestaties laten zien dat het herstel niet gelijkmatig over de gehele industrie is verdeeld. Bedrijven die profiteren van investeringen in technologie, automatisering en infrastructuur lijken momenteel beter te presteren dan sectoren die sterk afhankelijk zijn van grondstofprijzen of internationale vraagontwikkelingen.
Producenten blijven voorzichtig
Ondanks de hogere productie blijft het sentiment onder fabrikanten gematigd. Het producentenvertrouwen bevindt zich nog steeds rond een licht negatief niveau. Ondernemers zijn terughoudend over de economische vooruitzichten en kijken kritisch naar hun orderportefeuilles en toekomstige bedrijvigheid.
Tegelijkertijd zien veel bedrijven hun kosten oplopen. De afzetprijzen in de industrie lagen in april bijna 5 procent hoger dan een jaar eerder, vooral door fors gestegen olieprijzen en hogere kosten in de aardolie- en chemische sector. Dat zorgt enerzijds voor hogere omzetwaarden, maar zet anderzijds de marges en concurrentiepositie van bedrijven onder druk.
Voorzichtig optimisme voor de rest van het jaar
De sterke productiegroei in april biedt perspectief voor de Nederlandse industrie. De combinatie van aantrekkende productie, een stabiliserende economie en een toenemende vraag vanuit verschillende markten zorgt voor meer vertrouwen dan een jaar geleden.
Toch blijft voorzichtigheid geboden. Internationale spanningen, schommelende energieprijzen en onzekerheid over de wereldhandel kunnen het herstel nog altijd beïnvloeden. Voorlopig wijzen de cijfers echter op een industrie die na een moeilijke periode weer duidelijk in beweging is gekomen en haar groeipad lijkt terug te vinden.
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.





