Klimaatverandering vormt een toenemende bedreiging voor de Nederlandse natuur, waarbij extremen zoals hittegolven, langdurige droogte en hevige piekbuien nu al leiden tot merkbare schade. Hoewel er binnen het Deltaplan Ruimtelijke Adaptatie al stresstesten bestonden voor thema’s als wateroverlast en hitte, ontbrak een specifieke methodiek voor biodiversiteit. Dit rapport vult dat gat door een methode te presenteren die zich specifiek richt op de natuur buiten de beschermde gebieden, de zogenaamde Basiskwaliteit Natuur. Het doel is om inzichtelijk te maken waar de grootste kwetsbaarheden liggen, zodat overheden en andere partijen hierop kunnen anticiperen.
Focus op de basiskwaliteit natuur
De kern van de voorgestelde aanpak ligt bij het concept Basiskwaliteit Natuur (BKN). Dit concept richt zich op het creëren van de juiste condities, zodat algemene soorten ook daadwerkelijk algemeen kunnen blijven. Hierbij wordt gekeken naar drie groepen condities: de abiotische milieufactoren zoals waterstand en bodemkwaliteit, de inrichting van het landschap door middel van verbindingen en elementen, en het beheer zoals maai- en snoeiwerkzaamheden. Door deze condities te monitoren en te beschermen, kan de veerkracht van de natuur in het gehele landelijke gebied worden versterkt.
Een gelaagde methode van analyse
De stresstest is opgebouwd uit drie niveaus die variëren in diepgang. Het eerste niveau, de quickscan, is in dit rapport volledig uitgewerkt en is bedoeld om op basis van bestaande gegevens een eerste inschatting te maken van de kwetsbaarheid van een gebied. Voor een vollediger beeld zijn de vervolgstappen essentieel: de globale analyse maakt gebruik van rekenmodellen en klimaatprognoses, terwijl de nadere analyse een diepgaande landschapsecologische systeemdiagnose omvat. Deze gelaagdheid stelt gebruikers in staat om met relatief beperkte middelen te beginnen en alleen daar waar nodig de diepte in te gaan.
Impact op de hoge zandgronden
Hoewel de methode landelijk toepasbaar is, heeft het rapport een specifieke uitwerking voor de hoge zandgronden. In dit gebied zijn droogte en hitte de meest dominante klimaatdrukfactoren. Een verslechtering van de hydrologische condities leidt hier direct tot een afname van de natuurwaarde, waarbij met name de zeldzame en kritische soorten het eerst verdwijnen. Bovendien neemt het risico op natuurbranden toe door de combinatie van hitte en droogte. Het rapport benadrukt dat negatieve effecten, zoals een afname van zeldzame vegetatie door droogte, niet zomaar worden gecompenseerd door tijdelijke wateroverlast of piekbuien.
Naar een weerbaar ecosysteem
Het uiteindelijke doel van de stresstest is het faciliteren van een risicodialoog, waarbij keuzes worden gemaakt over noodzakelijke maatregelen. Aanbevelingen voor de toekomst richten zich op het vergroten van de robuustheid en veerkracht van de natuur. Dit kan door natuurgebieden te vernatten, klimaatbuffers in te richten en de verbindingen tussen gebieden te verbeteren via groen-blauwe dooradering. Op die manier ontstaat een landschap dat beter in staat is om de klappen van het veranderende klimaat op te vangen en zichzelf na verstoringen te herstellen.
Bron: Klimaatweb
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.






