Arnhem heeft een nieuw Water- en Rioleringsprogramma opgesteld voor de periode 2026-2034. Het programma beschrijft hoe de gemeente de komende jaren omgaat met afvalwater, regenwater en grondwater en welke investeringen daarvoor nodig zijn. Aan het programma is een kostendekkingsplan gekoppeld waarin de ontwikkeling van de rioolheffing tot 2065 is doorgerekend. De gemeente heeft het ontwerp op 24 september 2026 vrijgegeven voor inspraak.
Arnhem heeft ruim 1.000 kilometer leidingen
Onder Arnhem ligt een omvangrijk netwerk van riolering en andere waterhuishoudkundige voorzieningen. Het gaat om meer dan 1.000 kilometer aan leidingen, waaronder 300 kilometer vuilwaterriool, 340 kilometer voor hemelwater, 180 kilometer gemengde riolering, 70 kilometer persleidingen en 100 kilometer drainage. De totale vervangingswaarde van de aangelegde rioleringsvoorzieningen bedraagt volgens het ontwerp ongeveer € 1,1 miljard.
De gemeente rekent voor de riolering met een gemiddelde technische levensduur van 60 jaar. Op basis daarvan zou alleen het vervangen van de bestaande voorzieningen, uitgaande van het prijspeil van 2026, gemiddeld ongeveer € 18,3 miljoen per jaar kosten. Voor de periode tot 2030 baseert Arnhem de vervangingsinvesteringen vooral op inspecties. Voor de langere termijn is een theoretische investeringsplanning opgesteld. De daadwerkelijke vervangingsopgave wordt volgens het programma afhankelijk van inspectieresultaten en de feitelijke levensduur van de riolen. Deze uitgangspunten staan in het ontwerp-Water- en Rioleringsprogramma 2026-2034.
Rioolheffing is gekoppeld aan de WOZ-waarde
Arnhem gebruikt voor de rioolheffing de WOZ-waarde van woningen en bedrijfspanden als heffingsmaatstaf. Het tarief is een percentage van die waarde. De gemeente gaat uit van een vrijwel kostendekkende rioolheffing. Dat betekent dat de opbrengsten uit de heffing moeten aansluiten bij de kosten die Arnhem voor de gemeentelijke watertaken maakt.
De jaarlijkse tarieven worden niet met het Water- en Rioleringsprogramma definitief vastgesteld. Dat gebeurt ieder jaar bij de vaststelling van de belastingverordeningen. Het programma geeft wel inzicht in de ontwikkeling die Arnhem op langere termijn verwacht.
Vier typen huishoudens zijn doorgerekend
Arnhem heeft voor het kostendekkingsplan vier voorbeeldsituaties voor woningen doorgerekend. Het gaat om koopwoningen met een WOZ-waarde van € 300.000 en € 600.000 en huurwoningen met een WOZ-waarde van € 200.000 en € 400.000. De berekening is gebaseerd op prijspeil 2026.
De grafiek in het ontwerp laat zien dat de rioolheffing voor alle vier de categorieën in de periode tot 2065 stijgt. Voor een koopwoning met een WOZ-waarde van € 300.000 loopt de weergegeven heffing aan het einde van de periode op tot ongeveer € 280 per jaar. Voor een koopwoning met een WOZ-waarde van € 600.000 komt de berekening uit rond € 570. Bij huurwoningen ligt de weergegeven heffing lager: ongeveer € 90 bij een WOZ-waarde van € 200.000 en ongeveer € 180 bij € 400.000.
Deze bedragen zijn geen vastgestelde tarieven voor 2065. Het gaat om een langjarige berekening op basis van de uitgangspunten van het ontwerp. Arnhem merkt daarbij op dat geen rekening is gehouden met een eventuele toename van het aantal huishoudens en andere belastbare objecten. Wanneer het aantal objecten toeneemt, kunnen de kosten over meer belastingplichtigen worden verdeeld.
Vanaf 2027 komen er meer kosten bij de rioolheffing
Een belangrijk financieel onderdeel van het nieuwe programma is dat Arnhem vanaf 2027 meer kosten aan de rioolheffing wil toerekenen. Het gaat onder meer om kosten voor straatreiniging en onderhoud van waterwegen die volgens het programma aan de gemeentelijke watertaken kunnen worden toegerekend.
Daarnaast wil Arnhem vanaf 2027 de formatie voor de watertaken uitbreiden en het investeringskrediet voor klimaatmaatregelen verlengen. Voor de jaren 2027 tot en met 2029 wordt daarvoor jaarlijks € 2,25 miljoen aan investeringskrediet genoemd. De gemeente stelt dat deze maatregelen nodig zijn om onder meer klimaatadaptatie en de bescherming van de waterkwaliteit uit te voeren.
De financiële gevolgen van het programma worden meegenomen in de begroting voor 2027. Daarmee is het financiële effect onderdeel van de jaarlijkse begrotingsbesluitvorming en niet uitsluitend van het Water- en Rioleringsprogramma.
Vanaf 2030 neemt de vervangingsopgave toe
De gemeente verwacht dat de investeringsbehoefte vanaf 2030 toeneemt. Veel onderdelen van het Arnhemse rioolstelsel bereiken volgens de theoretische berekening dan het einde van hun technische levensduur. Arnhem benadrukt dat dit niet betekent dat al deze riolen op dat moment automatisch worden vervangen. Inspecties en de feitelijke technische staat bepalen wanneer vervanging noodzakelijk is.
Bij de planning wordt bovendien rekening gehouden met andere werkzaamheden in de openbare ruimte. Arnhem noemt onder meer de energietransitie en de aanleg van warmtenetten. Door werkzaamheden te combineren kan de gemeente voorkomen dat dezelfde openbare ruimte meerdere keren moet worden opengebroken.
Klimaatadaptatie wordt onderdeel van de watertaak
Het nieuwe programma gaat niet alleen over het ondergrondse riool. Arnhem wil de openbare ruimte aanpassen aan hevigere neerslag, droogte en hitte. Het programma noemt vergroening, ruimte voor water en maatregelen om hemelwater anders te verwerken als onderdelen van de klimaatadaptatie.
Ook particuliere terreinen spelen een rol. In nieuwe situaties moet een perceeleigenaar hemelwater volgens de regels in beginsel op het eigen perceel verwerken. Als dat redelijkerwijs niet mogelijk is, kan in overleg met de gemeente worden bekeken of verwerking via openbaar terrein mogelijk is.
Het programma ligt nog niet definitief vast
Het Water- en Rioleringsprogramma 2026-2034 is op dit moment een ontwerp. De gemeente heeft het document van 24 september tot en met 28 oktober 2026 ter inzage gelegd. Inwoners en andere belanghebbenden kunnen gedurende die periode een zienswijze indienen.
Na verwerking van de inspraakreacties en de behandeling van de begroting wil het college het definitieve programma vaststellen. In het ontwerp staat dat dit in het eerste kwartaal van 2027 wordt voorzien.
De rioolheffing voor inwoners staat daarmee nog niet voor de hele periode tot 2034 of 2065 vast. Het document laat vooral zien welke kosten Arnhem voorziet, welke investeringen nodig zijn en welke ontwikkeling van de rioolheffing daar volgens de huidige berekening bij hoort. De jaarlijkse tarieven worden afzonderlijk vastgesteld.
Verantwoording: Dit artikel is gebaseerd op het ontwerp-Omgevingsprogramma Water en Riolering 2026-2034 van de gemeente Arnhem en de daarin opgenomen financiële doorkijk naar 2065. Arnhem schrijft dat de rioolheffing (vrijwel) kostendekkend is en dat de begrote opbrengsten de ontwikkeling van de toegerekende lasten volgen. Het ontwerp vermeldt dat vanaf 2027 meer kosten, waaronder kosten voor straatreiniging en onderhoud van waterwegen, uit de rioolheffing worden gedekt in plaats van uit de algemene middelen. De genoemde bedragen voor de ontwikkeling van de heffing zijn berekeningen uit het kostendekkingsplan en geen reeds vastgestelde tarieven voor de komende decennia. De uiteindelijke tarieven worden jaarlijks vastgesteld in de belastingverordening. Het ontwerp lag vanaf 24 september 2026 ter inzage en kon tot en met 28 oktober 2026 worden ingezien en van zienswijzen worden voorzien. Ontwerp Omgevingsprogramma Water en Riolering 2026-2034 – gemeente Arnhem
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.
Weergaven: 53






