Jan van Dellen kent de regio Arnhem-Nijmegen vanuit verschillende werelden. Hij werkte jarenlang in de IT, was wethouder Economische Zaken en Sport in Arnhem en staat sinds september 2022 aan het roer van The Economic Board Arnhem-Nijmegen. Vanuit die positie probeert hij ondernemers, onderwijsinstellingen en overheden bij elkaar te brengen rond thema’s als energie, gezondheid en hightech. Zijn ambitie is duidelijk: niet alleen praten over regionale economie, maar projecten daadwerkelijk van de grond krijgen.
Van Dellen werd geboren in Groningen en verhuisde als tiener naar Amersfoort. Na zijn studie in Groningen begon hij aan een lange carrière in de automatisering. Volgens zijn eigen profiel werkte hij 27 jaar in verschillende managementfuncties voor Amerikaanse beursgenoteerde bedrijven en een Nederlands softwarebedrijf. Inmiddels woont hij bijna dertig jaar in Arnhem.
Zijn overstap naar het openbaar bestuur kwam ongeveer negen jaar geleden. Een gesprek over een mogelijke functie als wethouder bleek uiteindelijk een fulltimebaan te zijn. “Ik heb daar geen seconde spijt van gehad”, vertelt hij in het interview. De jaren als wethouder waren intensief. “Ik heb nog nooit zo hard gewerkt, maar ik doe alles minimaal 110 to 120%, nooit met halve kracht”. Van Dellen schat dat hij regelmatig zestig tot zeventig uur per week werkte.
Van ondernemer naar verbinder
Juist die combinatie van ondernemerschap en bestuur ziet Van Dellen als een belangrijke basis voor zijn huidige werk. Als ondernemer leerde hij hoe bedrijven beslissingen nemen en hoe ingewikkeld het kan zijn om verschillende belangen bij elkaar te brengen. Als bestuurder leerde hij de publieke kant kennen.
“Ik vind alle twee ontzettend leuk”, zegt hij. Volgens Van Dellen helpt die ervaring hem om verschillende werelden met elkaar te verbinden. “Als ik met een ondernemer spreek, is het toch een andere dynamiek dan wanneer ik een burgemeester spreek.”
Die verbindende rol vormt de kern van The Economic Board. De organisatie is een zogenoemde triple-helix-samenwerking tussen bedrijven, kennisinstellingen en overheden. De Board richt zich momenteel vooral op Energy, Health en High Tech en probeert daarvoor projecten, samenwerking en financiering te organiseren.
Talent als voorwaarde voor economische groei
Een van de resultaten waar Van Dellen zelf het meest vertrouwen in heeft, is de aanpak van het tekort aan technisch personeel. Vanuit de drie economische clusters zijn volgens hem talentplannen ontwikkeld, onder meer voor Energy en de semiconsector.
Daarbij gaat het niet alleen om het aantrekken van hoogopgeleide professionals. Ook mbo-opleidingen, omscholing en het interesseren van jongeren voor techniek spelen een rol. “Techniek zit overal in”, benadrukt Van Dellen. Hij ziet naar eigen zeggen inmiddels een toenemende belangstelling voor technische opleidingen.
De ontwikkeling sluit aan bij de bredere strategie van The Economic Board. In het jaarplan voor 2025 wordt de krappe arbeidsmarkt genoemd als een van de grote regionale opgaven. Voor de energietransitie en semiconsector worden bovendien duizenden nieuwe banen verwacht.
Toch gaat samenwerking volgens Van Dellen niet vanzelf. Overheden, onderwijs en bedrijven werken met verschillende tempo’s en belangen. Een nieuwe opleiding kan bijvoorbeeld jaren voorbereiding vragen, terwijl ondernemers juist snel mensen nodig hebben.
“Als het dan niet helemaal goed gaat en er zit een vertraging op, dan heeft het vaak te wijten aan de communicatie”, zegt hij. Volgens Van Dellen is het juist dan de taak van een regionale organisatie om partijen bij elkaar te houden.
Netcongestie: onderschat probleem met grote gevolgen
Een ander onderwerp waar Van Dellen zich nadrukkelijk over uitspreekt, is de overbelasting van het elektriciteitsnet. Nederland is volgens hem veel sneller overgegaan op zonnepanelen, elektrische auto’s, laadinfra en windenergie dan het bestaande netwerk kon verwerken.
“We hebben het met elkaar onderschat”, concludeert hij. Niet alleen de technische ontwikkeling, maar ook wet- en regelgeving hebben volgens hem een rol gespeeld.
The Economic Board probeert samen met regionale en landelijke partners oplossingen voor netcongestie te versnellen. De regio Arnhem-Nijmegen heeft volgens Lifeport een sterke positie op het gebied van energie, met onder meer bedrijven en kennisinstellingen die zich bezighouden met energietechnologie.
Van Dellen ziet daarin niet alleen een regionaal probleem, maar ook een economische kans. Als oplossingen voor netcongestie in Arnhem-Nijmegen werken, kunnen die volgens hem later ook elders worden toegepast.
Maar wat merkt de inwoner ervan?
Daar ligt misschien wel de lastigste vraag voor The Economic Board. De organisatie werkt op het niveau van regionale economie, innovatie en samenwerking, terwijl inwoners vooral geïnteresseerd zijn in concrete gevolgen voor hun dagelijks leven.
Van Dellen erkent dat de werkzaamheden soms abstract kunnen overkomen. Hij wijst bijvoorbeeld op digitalisering van de zorg. Technologie zou ervoor kunnen zorgen dat patiënten minder vaak naar het ziekenhuis hoeven en meer zorg thuis kunnen ontvangen. Binnen de regio wordt hier onder meer samen met zorginstellingen en kennispartners aan gewerkt.
Ook hier is voorzichtigheid geboden: een regionale innovatie betekent niet automatisch dat de zorgpremie van inwoners daalt. Van Dellen ziet het vooral als een manier om de groei van zorgkosten af te remmen en de beschikbare zorgcapaciteit beter te benutten.
“We hebben hier het hele netwerk bij elkaar”, zegt hij over de samenwerking tussen zorgverzekeraars, ziekenhuizen en kennisinstellingen. “Niet makkelijk, maar het gaat wel gebeuren.”
Geen organisatie die alles alleen kan
Opvallend in het gesprek is dat Van Dellen terughoudend is met het claimen van successen voor The Economic Board alleen. Wanneer hem wordt gevraagd welk project zonder de Board niet zou zijn gelukt, plaatst hij onmiddellijk een kanttekening.
“De Economic Board is een instituut. Het is een samenwerking. En je doet dat niet alleen.”
Dat is een belangrijk onderscheid. The Economic Board initieert, verbindt en organiseert, maar de uitvoering ligt doorgaans bij meerdere partijen. Ook de eigen organisatie omschrijft haar rol als het verbinden van bedrijven, kennisinstellingen en overheden en het initiëren en faciliteren van projecten.
Van Dellen ziet de afgelopen jaren wel degelijk een ontwikkeling. “We zijn van praten naar echte impact gegaan”, zei hij eerder bij het tienjarig bestaan van The Economic Board. Daarbij verwees hij onder meer naar de Regio Deal, talentplannen en het Lifeport Partnerfonds.
Zijn conclusie is tegelijk ambitieus en voorzichtig: “We hebben een megagoede stap gezet. Maar we zijn er nog niet.”
Dat laatste lijkt misschien de belangrijkste boodschap van het gesprek. De waarde van The Economic Board zal uiteindelijk niet alleen worden bepaald door het aantal bijeenkomsten, plannen of lobbyactiviteiten, maar door de vraag of inwoners en bedrijven daadwerkelijk iets merken van de samenwerking. Van Dellen lijkt zich daarvan bewust. Zijn uitdaging voor de komende jaren is om de abstracte regionale agenda steeds verder te vertalen naar concrete resultaten: banen, betere zorg, beschikbare energie en nieuwe economische kansen.
Gepubliceerd in de brochure van ons magazine
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.
Weergaven: 109



