Bedrijven die door netcongestie tegen grenzen aanlopen, kunnen sinds 1 oktober 2026 een beroep doen op een nieuwe landelijke subsidieregeling voor energiehubs. Het ministerie van Klimaat en Groene Groei heeft hiervoor € 9,6 miljoen beschikbaar gesteld. De regeling ondersteunt onderzoek naar de haalbaarheid van een gezamenlijk energiesysteem, waarin ondernemingen hun elektriciteitsvraag en -aanbod beter op elkaar afstemmen. Voor Gelderse bedrijven ligt de vraag op tafel welke samenwerkingsverbanden hiervoor in aanmerking komen en in hoeverre de subsidie helpt om plannen voor bedrijventerreinen daadwerkelijk verder te brengen.
Subsidie voor onderzoek, niet voor batterijen of kabels
De landelijke regeling Onderzoek Energiehubs (EHUB) is bedoeld voor ondernemingen die willen onderzoeken of zij gezamenlijk hun energievoorziening kunnen organiseren. Dat kan bijvoorbeeld door energieverbruik te verschuiven, elektriciteit op te slaan of afspraken te maken over de beschikbare transportcapaciteit.
De regeling financiert twee soorten onderzoek: een verkennende scan en een uitgebreidere studie. Een scan brengt het gezamenlijke energieverbruik en de toekomstige behoefte in kaart en onderzoekt minimaal drie mogelijke maatregelenpakketten. Een studie werkt de technische, organisatorische, financiële en juridische inrichting van een energiehub verder uit.
De subsidie betaalt niet de aanleg van een batterij, kabels of andere energie-infrastructuur. Ook de daadwerkelijke realisatie van de energiehub valt buiten deze regeling. De overheid wil hiermee juist een financiële drempel wegnemen in de fase waarin bedrijven nog moeten vaststellen of samenwerking haalbaar is.
Welke bedragen zijn beschikbaar?
Voor een verkennende scan ontvangen samenwerkingsverbanden met maximaal vijf ondernemingen een vast subsidiebedrag van € 5.000. Bij zes of meer ondernemingen bedraagt dat € 8.500.
Voor een studie naar de vorming van een nieuwe energiehub vergoedt de regeling 70 procent van de subsidiabele kosten, tot maximaal € 42.000. Bij onderzoek naar uitbreiding van een bestaande energiehub is dat 40 procent, met een maximum van € 32.000. Voor studies geldt bovendien een minimumsubsidiebedrag van € 25.000, waarbij de voorwaarden voor de berekening en eventuele combinatie met een scan van belang zijn.
De regeling stelt eisen aan de deelnemende ondernemingen. Een energiehub moet uit minimaal drie in Nederland gevestigde bedrijven bestaan die niet tot dezelfde ondernemingsgroep behoren. Elk van die bedrijven moet beschikken over een grote elektriciteitsaansluiting van meer dan 3 x 80 ampère.
Aanvragen kunnen volgens de voorwaarden van RVO worden ingediend tot en met 1 mei 2027 om 17.00 uur. RVO behandelt de aanvragen op volgorde van binnenkomst. Als het budget ontoereikend is, voorziet de regeling in een loting.
Gelderland heeft al een eigen regeling
De landelijke subsidie is niet de enige ondersteuning voor energieprojecten in de provincie. Gelderland heeft ook een eigen regeling voor clean energy hubs. Die richt zich op initiatieven rond duurzame energiedragers en infrastructuur, waaronder voorzieningen voor schonere brandstoffen en energiegebruik in logistieke ketens.
De provinciale regeling heeft daarmee een andere reikwijdte dan de landelijke EHUB-subsidie. Ondernemers moeten daarom per project beoordelen welke regeling past bij hun plannen en welke kosten subsidiabel zijn. De provincie vermeldt de voorwaarden en aanvraagmogelijkheden op haar pagina over subsidie voor clean energy hubs.
Dat onderscheid is relevant voor Gelderse bedrijventerreinen waar verschillende energievragen samenkomen. Een plan voor gezamenlijke elektriciteitsopslag vraagt om een andere beoordeling dan een project dat zich richt op tank- of laadvoorzieningen voor schonere brandstoffen.
De provincie werkt aan meer energiehubs
Gelderland werkt samen met gemeenten, netbeheerders, ondernemers en regionale organisaties aan oplossingen voor netcongestie. De provincie beschrijft op haar pagina over de aanpak van netcongestie hoe beperkte transportcapaciteit de mogelijkheden voor bedrijven om uit te breiden of nieuwe aansluitingen te krijgen onder druk zet.
Een energiehub kan helpen door het gebruik van elektriciteit beter te verdelen over de dag. Bedrijven kunnen bijvoorbeeld afspraken maken over piekbelasting, opslag of het moment waarop zij energie verbruiken. Of dat technisch en financieel haalbaar is, hangt af van de lokale netinfrastructuur, de deelnemende ondernemingen en de contractuele afspraken.
De landelijke regeling maakt onderzoek naar zulke oplossingen financieel toegankelijker, maar neemt de technische beperkingen van het elektriciteitsnet niet weg. Ook geeft een toegekende subsidie geen garantie dat een energiehub uiteindelijk wordt gebouwd.
Harselaar laat zien hoe ingewikkeld de voorbereiding kan zijn
Een concreet Gelders voorbeeld is de ontwikkeling van een gezamenlijke energievoorziening voor Harselaar-Zuid in Barneveld. Daar werken de gemeente, ondernemers, Liander en andere partijen aan een energiesysteem waarin onder meer zonne-energie, batterijopslag en andere energiedragers een rol spelen.
Het projectoverzicht van Smart Energy Hubs Oost-Nederland beschrijft hoe de partijen werken aan de technische, juridische en financiële inrichting van het systeem. De ontwikkeling vraagt niet alleen om installaties, maar ook om afspraken over samenwerking, verantwoordelijkheden en de verdeling van kosten.
Uit de beschikbare openbare informatie blijkt niet dat Harselaar voor de nieuwe landelijke EHUB-regeling een aanvraag heeft ingediend. Het project illustreert wel welke voorbereiding nodig kan zijn voordat bedrijven gezamenlijk hun energievoorziening kunnen organiseren.
De regeling moet bijdragen aan 500 energiehubs
Het kabinet streeft ernaar om in 2030 in Nederland 500 actieve energiehubs te hebben. De landelijke subsidie is onderdeel van het stimuleringsprogramma dat deze ontwikkeling moet ondersteunen. De regeling is opgezet omdat het vormen van een energiehub in de verkennende en ontwerpfase financiële risico’s met zich meebrengt.
De subsidie kan een deel van de onderzoekskosten vergoeden, maar ondernemers moeten zelf een samenwerkingsverband vormen en de haalbaarheid van hun plannen laten onderzoeken. Ook na een positief onderzoek zijn aanvullende stappen nodig, zoals het sluiten van contracten, het organiseren van de samenwerking en het financieren van eventuele investeringen.
De aanleiding voor dit artikel is het bericht Nieuwe subsidie voor energiehubs helpt bij overbelast stroomnet, dat de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland op 8 september 2026 publiceerde. Bij dat bericht is geen individuele auteur vermeld. De subsidiebedragen, voorwaarden en aanvraagperiode zijn gecontroleerd aan de hand van de officiële regeling en de informatie van RVO; voor de Gelderse context is daarnaast de provinciale informatie over netcongestie en clean energy hubs geraadpleegd.
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.
Weergaven: 8




