De witte vlekken op de PFAS-kaart van Gelderland (deel 2)

Algemeen

Het grote Gelderse onderzoek naar PFAS op verdachte locaties is afgerond. De provincie onderzocht samen met de gemeenten Arnhem en Nijmegen ongeveer 170 locaties waar PFAS in productieprocessen kan zijn gebruikt of waar mogelijk PFAS-houdend blusschuim is toegepast. Op vier locaties zijn concentraties boven de norm vastgesteld. Op twintig locaties kon geen onderzoek worden uitgevoerd. Daarmee is een belangrijk deel van de Gelderse PFAS-situatie beter in beeld gekomen, maar de provincie stelt zelf vast dat vervolgonderzoek nodig blijft.

Vier locaties boven de norm

Op de meeste onderzochte locaties werden volgens de provincie slechts lichte PFAS-waarden gevonden. Deze bleven onder de geldende norm en vormden volgens de provincie geen belemmering voor het huidige gebruik van de locaties. Op vier plaatsen zijn wel PFAS-concentraties boven de norm vastgesteld. Het gaat om locaties in Arnhem, Hedel, Epe en Terwolde.

De provincie meldt dat het risico per locatie verschilt. Op sommige plaatsen gaat het om mogelijke verspreiding via grondwater, terwijl op andere locaties risico’s voor bewoners een rol spelen. Voor de vier locaties worden vervolgonderzoeken en waar nodig maatregelen voorbereid. De provincie vermeldt daarbij dat, wanneer vaststaat wie de vervuiling heeft veroorzaakt, die partij verantwoordelijk is voor de sanering.

De formulering “boven de norm” betekent daarbij niet automatisch dat iedere vorm van gebruik van de locatie verboden is of dat bewoners gezondheidsproblemen hebben. De provincie beoordeelt de aangetroffen concentraties aan de hand van de daarvoor geldende normen en kijkt vervolgens naar het gebruik en de risico’s van de betreffende locatie.

Op 75 locaties is PFAS in grondwater aangetroffen

Een tweede uitkomst van het onderzoek betreft het grondwater. Op 75 onderzochte locaties zijn verhoogde PFAS-waarden in het grondwater gemeten. De provincie adviseert daarom op deze plaatsen om grondwater uit particuliere putten niet te gebruiken als drinkwater, voor het vullen van zwembadjes of voor het besproeien van tuinen.

Het advies heeft betrekking op zelf opgepompt grondwater. De provincie schrijft dat leidingwater uit de kraan schoon en veilig is. Daarmee moet onderscheid worden gemaakt tussen de kwaliteit van lokaal grondwater en de kwaliteit van het drinkwater uit het openbare leidingnet.

De aanwezigheid van PFAS in grondwater betekent evenmin automatisch dat sprake is van een saneringssituatie. Daarvoor zijn onder meer de concentratie, de plaatselijke omstandigheden en het gebruik van de locatie van belang.

Twintig locaties konden niet worden onderzocht

Een belangrijk gegeven in de eindresultaten is dat twintig locaties uit de onderzoeksselectie niet konden worden onderzocht. De provincie noemt daarvoor onder meer situaties waarin eigenaren geen toestemming gaven. Deze locaties blijven volgens de provincie in beeld en kunnen later alsnog worden onderzocht.

Daarmee moet ook het begrip “afgerond” worden genuanceerd. Het veldonderzoek van deze onderzoeksronde is afgerond, maar niet iedere geselecteerde locatie is onderzocht en het PFAS-onderzoek als geheel gaat door.

De provincie start voor de periode 2026-2030 een nieuwe fase waarin wordt gezocht naar bronnen die via het grondwater tot verspreiding kunnen leiden. Het doel daarvan is volgens de provincie om risico’s eerder te signaleren en sneller maatregelen te kunnen nemen.

Landelijk zijn 3.917 locaties in beeld

De Gelderse cijfers staan niet op zichzelf. Het Rijk meldde in 2026 dat 40 van de 41 bevoegde gezagen waren begonnen met de inventarisatie van locaties die mogelijk met PFAS zijn verontreinigd. Op dat moment waren 3.917 potentieel verontreinigde locaties geïnventariseerd. Daarvan waren 2.328 locaties daadwerkelijk bekend en waren 1.589 locaties aanvullend geschat.

Het ministerie benadrukt dat het om potentieel verontreinigde locaties gaat. De cijfers betekenen niet dat op al deze plaatsen daadwerkelijk verhoogde PFAS-concentraties zijn vastgesteld. Alleen onderzoek ter plaatse kan volgens het ministerie uitwijzen of sprake is van verontreiniging en of humane of verspreidingsrisico’s bestaan.

Van de locaties die landelijk als PFAS-aandachtlocatie zijn geïdentificeerd, waren vier saneringen afgerond, acht saneringen in uitvoering en moest op 45 locaties nog met de uitvoering worden begonnen. Het ministerie verwacht in 2028 een scherper beeld te hebben van het aantal PFAS-aandachtlocaties en de kosten. De inventarisatie moet in 2030 zijn afgerond.

Toegang tot particuliere terreinen blijft een aandachtspunt

De actualiteit van september 2026 laat zien dat het uitvoeren van onderzoek zelf een bestuurlijk aandachtspunt blijft. In het bestuurlijk overleg over PFAS-aandachtlocaties van 1 juli is onder meer gesproken over de toegang tot private terreinen voor onderzoek. De uitkomsten van dat overleg zijn op 21 september aan de Tweede Kamer gemeld.

Naast toegang tot terreinen noemt het Rijk monitoring, communicatie, juridische ondersteuning, kennisontwikkeling, financiering na 2030 en de samenloop met de Kaderrichtlijn Water als onderwerpen binnen de verdere aanpak.

Voor Gelderland is dit relevant, omdat twintig geselecteerde locaties niet konden worden onderzocht. Daarmee is er een concreet verschil tussen een locatie die op basis van beschikbare gegevens als aandachtspunt is geregistreerd en een locatie waarvan de bodem daadwerkelijk is onderzocht.

Ook buiten de Gelderse onderzoekslocaties wordt PFAS gevonden

De reguliere monitoring van het Gelderse grondwater geeft daarnaast een breder beeld. Bij de provinciale meetronde van 2024 werden PFAS in 84 procent van de onderzochte filters aangetroffen. De provincie meldt dat PFAS daarmee, samen met bestrijdingsmiddelen, tot de stoffen behoort die het meest in het Gelderse grondwater worden aangetroffen.

Volgens de provincie werden PFAS in 2024 vaker aangetoond dan in 2021. Daarbij speelt volgens de provincie vooral de verbetering van analysetechnieken een rol. Het aantreffen van PFAS betekent niet automatisch dat sprake is van een normoverschrijding. De monitoring wordt gebruikt voor de beoordeling van de grondwaterkwaliteit en voor onder meer de uitvoering van de Kaderrichtlijn Water.

Lichtenvoorde laat zien waarom vervolgonderzoek nodig kan zijn

Een actuele Gelderse casus is het voormalige Vitelco Leather-terrein in Lichtenvoorde. De gemeente Oost Gelre maakte in juni 2026 de resultaten van bodemonderzoek openbaar. Daaruit bleek dat in bodem en grondwater onder meer PFAS was aangetroffen. De gemeente meldde aanwijzingen dat PFAS zich buiten het terrein heeft verspreid, maar kon de exacte omvang daarvan nog niet vaststellen.

Daarom is aanvullend onderzoek gestart naar PFAS in bodem en grondwater, de stromingsrichting van het grondwater en de mogelijke verspreiding buiten het terrein. De gemeente schrijft dat op basis van het beschikbare onderzoek nog niet kan worden vastgesteld wat de exacte bron is, wanneer de PFAS-verontreiniging is ontstaan en of deze aan een specifieke veroorzaker kan worden toegeschreven. Ook de GGD kon op dat moment nog geen volledige gezondheidskundige beoordeling geven, omdat daarvoor meer gegevens nodig waren.

De PFAS-kaart is nog niet af

De resultaten van het Gelderse onderzoek geven meer inzicht, maar vormen geen volledige eindstand van de PFAS-situatie. Vier locaties vragen om vervolgmaatregelen, twintig geselecteerde locaties zijn nog niet onderzocht en op 75 locaties zijn verhoogde PFAS-waarden in het grondwater gemeten.

Daar komt bij dat de landelijke inventarisatie nog loopt. Het Rijk maakt onderscheid tussen potentieel verdachte locaties, potentieel verontreinigde locaties en PFAS-aandachtlocaties. Dat onderscheid voorkomt dat een inventarisatiecijfer wordt geïnterpreteerd als het aantal bewezen vervuilde locaties.

Voor Gelderland verschuift de aandacht de komende jaren daarom van het vinden van verdachte locaties naar het onderzoeken van bronnen en verspreidingsroutes. De provincie heeft daarvoor de periode 2026-2030 aangewezen. De vraag is daarmee niet alleen waar PFAS wordt aangetroffen, maar ook waar de verontreiniging vandaan komt, hoe deze zich verspreidt en welke maatregelen nodig zijn.

De witte plekken op de PFAS-kaart zijn daarmee niet automatisch plekken waar geen PFAS voorkomt. Het zijn plekken waar de beschikbare informatie nog geen volledig beeld geeft. Juist daarom blijft onderzoek, monitoring en het openbaar maken van nieuwe onderzoeksresultaten van belang.

Lees hier deel 1

Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.

Weergaven: 6