De Nederlandse economie heeft in het eerste kwartaal van 2026 opnieuw een bescheiden plus laten zien. Volgens de nieuwste berekening van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) groeide het bruto binnenlands product (bbp) met 0,2 procent ten opzichte van het laatste kwartaal van 2025. Daarmee valt de groei iets hoger uit dan eerder werd geraamd, al blijft het beeld dat van een economie die zich gestaag ontwikkelt zonder duidelijk aan kracht te winnen.
Kleine correctie, beperkt ander beeld
Het CBS publiceert enkele maanden na een eerste raming een uitgebreidere berekening op basis van meer beschikbare gegevens. Die leidt dit keer tot een beperkte opwaartse bijstelling: waar eerder nog werd uitgegaan van een groei van 0,1 procent, komt de definitieve kwartaalgroei uit op 0,2 procent. De aanpassing verandert het algemene economische beeld nauwelijks, maar onderstreept wel dat economische statistieken voortdurend worden verfijnd naarmate meer informatie beschikbaar komt.
Ook eerdere groeicijfers zijn opnieuw tegen het licht gehouden. Enkele kwartalen uit 2025 zijn daarbij licht naar boven of beneden bijgesteld, terwijl de totale lijn van een gematigde economische groei overeind blijft. Bovendien heeft het CBS de jaarcijfers herzien: de economische groei over 2025 is aangepast van 1,8 naar 1,6 procent, terwijl de groei over 2024 definitief is vastgesteld op 1,1 procent.
Arbeidsmarkt laat gunstiger beeld zien
Opvallender dan de beperkte economische groei is de herziening van de arbeidsmarktcijfers. Waar eerder nog werd uitgegaan van een zeer beperkte banengroei, blijkt uit aanvullende gegevens dat er in het eerste kwartaal ongeveer 26.000 banen zijn bijgekomen. Daarmee laat de arbeidsmarkt opnieuw zien veerkrachtig te zijn, ondanks een economie die slechts langzaam groeit.
Vergeleken met een jaar eerder telt Nederland bovendien nog altijd iets meer banen. Dat is een positiever beeld dan uit de eerste berekeningen naar voren kwam en wijst erop dat werkgevers vooralsnog personeel blijven vasthouden, ondanks de afkoelende economische dynamiek.
Groei blijft kwetsbaar
Hoewel de economie groeit, is het tempo bescheiden. Dat past in een periode waarin veel bedrijven worden geconfronteerd met hogere loonkosten, geopolitieke onzekerheid en internationale handelsontwikkelingen. Tegelijkertijd blijft de binnenlandse vraag relatief stabiel en voorkomt de sterke arbeidsmarkt vooralsnog een bredere economische terugval.
Voor ondernemers betekent de huidige situatie dat er wel ruimte blijft voor investeringen, maar dat voorzichtigheid geboden blijft. Sectoren die sterk afhankelijk zijn van internationale handel of export kunnen gevoeliger zijn voor schommelingen dan bedrijven die zich vooral op de binnenlandse markt richten.
Vooruitzichten blijven gemengd
De lichte groei bevestigt dat de Nederlandse economie nog altijd vooruitgaat, maar zonder duidelijke versnelling. Economen zullen de komende kwartalen vooral letten op de ontwikkeling van de inflatie, de internationale handel en het consumentenvertrouwen. Samen bepalen zij in belangrijke mate of de huidige bescheiden groei kan worden uitgebouwd of dat de economie opnieuw aan kracht verliest.
Voorlopig lijkt vooral sprake van een economie die stabiel blijft draaien, maar waarin de marges voor tegenvallers beperkt zijn. Dat maakt de komende maanden bepalend voor het verdere economische beeld van 2026.
*Bron: cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), gepubliceerd op 1 juli 2026. Het oorspronkelijke nieuwsbericht is te vinden op de website van het CBS.
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.






