Bomenkap

Provincie wees handhavingsverzoek over bomenkap in Neede af, maar stuurde later wel een waarschuwing

Natuur

De bomenkap aan de Polhaarweg in Neede heeft geleid tot een handhavingsverzoek, ecologische beoordelingen en meerdere controles door de provincie Gelderland. Uit openbaar gemaakte documenten blijkt dat de provincie in mei 2026 besloot niet handhavend op te treden tegen de kap van populieren. Enkele maanden later volgde echter een waarschuwingsbrief waarin de provincie stelde dat werkzaamheden op het perceel in strijd met bepalingen van de Omgevingswet waren uitgevoerd. De documenten bieden daarmee inzicht in de verschillende beoordelingen van de natuurregels rond het bosperceel.

Kap van populieren in een natuurgebied

De kwestie betreft een populierenopstand aan de Polhaarweg in Neede, binnen de gemeente Berkelland. In een ambtelijke correspondentie uit april 2023 werd een kapaanvraag van circa 9.000 vierkante meter besproken. Het totale perceel was ongeveer 3,8 hectare groot en maakte deel uit van het Gelders Natuurnetwerk (GNN).

De gemeente Berkelland beschreef de populieren destijds als ongeveer 25 jaar oud en vanuit bosbouwkundig oogpunt kaprijp. De gemeente vroeg de provincie onder meer of de kap in één keer kon plaatsvinden of gefaseerd moest worden uitgevoerd. Ook lag er een voorstel voor herplant met verschillende boomsoorten. Dat blijkt uit de ambtelijke correspondentie over de kapaanvraag uit 2023.

De discussie ging niet uitsluitend over het kappen van bomen. Ook de mogelijke gevolgen voor beschermde dieren en hun leefomgeving speelden een rol. Juist bij werkzaamheden in bosgebieden moet worden beoordeeld of soortenbescherming aanvullende maatregelen of onderzoek noodzakelijk maakt.

Eerdere onderzoeken wezen op mogelijke aanwezigheid van beschermde soorten

In de stukken over het handhavingsverzoek wordt verwezen naar ecologisch onderzoek uit september 2021 en een aanvulling uit januari 2023. Volgens de provincie concludeerde het onderzoek uit 2023 dat voor het vellen van de populierenopstand in beginsel geen ontheffing nodig was, mits volgens een goedgekeurde gedragscode werd gewerkt. Wanneer die werkwijze niet mogelijk was, moest nader onderzoek naar onder meer de eekhoorn en de hazelworm plaatsvinden.

In december 2025 werd een nieuwe ecologische quickscan opgesteld. De provincie stelde later vast dat daarin geen afzonderlijke beoordeling van deze twee soorten was opgenomen, terwijl het eerdere onderzoek daar wel aanleiding toe gaf. Daarmee ontstond een verschil van inzicht over de vraag of het beschikbare onderzoek voldoende basis bood voor de werkzaamheden.

Een quickscan brengt volgens de provincie de potentiële geschiktheid van een gebied voor beschermde soorten in beeld. Zo’n verkennend onderzoek stelt niet zonder meer vast of een soort daadwerkelijk aanwezig is. Omgekeerd betekent het ontbreken van waarnemingen tijdens een inspectie niet automatisch dat een soort er niet voorkomt.

Toezichthouder trof al gekapt bos aan

Op 14 januari 2026 ontving de provincie een verzoek om spoedhandhaving wegens een vermeende overtreding van de soortenbescherming. De verzoeker stelde onder meer dat onvoldoende vervolgonderzoek was uitgevoerd en dat de ecologische onderbouwing niet meer actueel was.

Een provinciale toezichthouder bezocht de locatie op 27 januari 2026. Volgens het latere besluit was toen al een groot deel van de bomen gekapt. De toezichthouder trof de boom met spechtengaten, die volgens de quickscan behouden moest blijven, nog aan. Ook waren takkenrillen aangelegd met materiaal van de gevelde populieren.

De toezichthouder vond tijdens de controle geen nesten, loshangende schorsplaten of holtes die erop wezen dat de aangetroffen bomen als vaste rust- of verblijfplaats voor beschermde soorten dienden. Ook werden geen eekhoornnest en geen sporen van verstoring van de hazelworm vastgesteld. De werkzaamheden hadden volgens de provincie buiten het broedseizoen plaatsgevonden.

Deze bevindingen vormden een belangrijk onderdeel van de beoordeling, maar betroffen waarnemingen tijdens de controle. Ze geven op zichzelf geen volledig beeld van de ecologische situatie vóór de kap.

Provincie zag in mei geen grond voor handhaving

In mei 2026 wees de provincie het handhavingsverzoek af. De provincie erkende in haar besluit op het handhavingsverzoek dat de quickscan uit december 2025 geen afzonderlijke beoordeling van de eekhoorn en de hazelworm bevatte. Dat noemde zij een formeel aandachtspunt dat bij toekomstige onderzoeken beter moest worden geborgd.

Tegelijkertijd waren tijdens de controle geen concrete aanwijzingen gevonden dat de werkzaamheden ernstige nadelige gevolgen voor beschermde soorten hadden veroorzaakt. Op basis van de beschikbare informatie achtte de provincie daarom niet aannemelijk dat sprake was van een overtreding van de Omgevingswet of het Besluit activiteiten leefomgeving die handhavend optreden rechtvaardigde.

De provincie kondigde in dat besluit wel een waarschuwingsbrief aan de initiatiefnemer aan. Daarin zou worden gewezen op het belang van een actuele en expliciete beoordeling van alle relevante soorten.

Waarschuwingsbrief van september noemt strijd met de Omgevingswet

Op 28 september 2026 stuurde de provincie daadwerkelijk een waarschuwingsbrief. In deze brief, die deel uitmaakt van het later openbaar gemaakte Woo-dossier, staat dat bij controles op het perceel Neede 1552 werkzaamheden waren vastgesteld die volgens de provincie in strijd waren met bepalingen van de Omgevingswet.

De provincie schreef dat weliswaar onderzoek had plaatsgevonden, maar dat op basis van de bevindingen aanvullend onderzoek had moeten worden uitgevoerd. De brief verwijst naar de specifieke zorgplicht uit artikel 11.27 van het Besluit activiteiten leefomgeving. Die verplichting houdt onder meer in dat vooraf wordt nagegaan welke beschermde soorten aanwezig kunnen zijn en dat passende maatregelen worden getroffen om nadelige gevolgen te voorkomen of te beperken.

De waarschuwingsbrief is daarmee een afzonderlijk document naast het besluit uit mei. De stukken vermelden verschillende zaaknummers: 2026-000666 voor het handhavingsverzoek en 2026-007469 voor de waarschuwing. De provincie beschrijft in mei waarom zij op basis van de toen beoordeelde informatie niet handhavend optrad; in september legt zij vast dat volgens haar bij de werkzaamheden regels zijn geschonden.

Een waarschuwing is niet hetzelfde als een opgelegde last onder dwangsom of een andere sanctie. De brief adviseert de initiatiefnemer om bij toekomstige projecten na te gaan of vergunningen nodig zijn en deze zo nodig aan te vragen. Uit de brief zelf blijkt niet dat een financiële sanctie is opgelegd.

Openbare stukken geven zicht op besluitvorming

De provincie publiceerde het dossier op 9 oktober 2026 op het platform Open Gelderland. Het Woo-besluit betreft informatie over de besluitvorming, de beoordeling van de kapwerkzaamheden en het handhavingsverzoek. Het verzoek om informatie werd gedeeltelijk toegewezen; een deel van de gevraagde informatie werd openbaar gemaakt.

De documenten laten zien hoe ecologisch onderzoek, toezicht en handhaving in deze zaak aan bod kwamen. Voor een volledig beeld moeten de verschillende besluiten in hun eigen context worden gelezen: de beoordeling van het handhavingsverzoek uit mei en de waarschuwingsbrief uit september zijn afzonderlijke documenten met een eigen motivering.

Dit artikel is opgesteld door de redactie van Gelderland Magazine op basis van het openbaar gemaakte Woo-dossier van de provincie Gelderland, de ambtelijke correspondentie over de kapaanvraag en de provinciale besluiten en inspectiestukken.

Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.

Weergaven: 6