In heel Nederland kiezen steeds meer hoteleigenaren ervoor om (tijdelijk) asielzoekers of statushouders op te vangen. Vaak gebeurt dat via overeenkomsten met het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers (COA). Die keuze levert ondernemers financiële zekerheid op in een onrustige markt, maar roept tegelijkertijd maatschappelijke en politieke discussie op. Want wegen de voordelen voor ondernemers en overheid wel op tegen de bezwaren uit de samenleving?
De discussie raakt aan veel grotere thema’s: woningnood, toerisme, leefbaarheid, publieke kosten en de rol van ondernemers in maatschappelijke vraagstukken.
Waarom hotels interessant zijn voor het COA
Nederland kampt al jaren met een tekort aan opvangplekken. Daardoor wijkt het COA steeds vaker uit naar tijdelijke noodopvang in hotels, vakantieparken en andere accommodaties. Volgens antwoorden van het kabinet aan de Tweede Kamer beschikte het COA eind 2024 over ongeveer 9.500 hotelplekken, waarvan circa 6.000 werden gebruikt voor asielzoekers en ongeveer 3.500 voor statushouders.
Voor het COA zijn hotels aantrekkelijk, omdat ze direct beschikbaar zijn. Er zijn kamers, sanitaire voorzieningen, cateringmogelijkheden en vaak al beveiliging aanwezig. Zeker in tijden waarin reguliere asielzoekerscentra overvol zijn, bieden hotels snelheid en flexibiliteit.
Ook gemeenten zien hotels soms als praktische tussenoplossing, bijvoorbeeld om de druk op Ter Apel te verlichten of om statushouders tijdelijk onder te brengen totdat reguliere woningen beschikbaar zijn.
De voordelen voor ondernemers
Voor hoteliers kan opvang van asielzoekers financieel aantrekkelijk zijn. Vooral hotels die kampen met seizoensschommelingen, personeelstekorten of teruglopende bezetting zien opvangcontracten als een stabiele inkomstenbron.
In plaats van dagelijks afhankelijk te zijn van losse boekingen, toeristische trends en platforms als Booking.com, krijgen ondernemers via het COA vaak langdurige contracten met gegarandeerde bezetting. Dat betekent voorspelbare inkomsten en minder commerciële onzekerheid.
Voor kleinere hotels buiten de grote toeristische centra kan dat zelfs het verschil betekenen tussen verlies draaien of overeind blijven. Sommige ondernemers benadrukken bovendien dat opvang maatschappelijke betekenis geeft aan hun bedrijf. Zij zien het als een vorm van sociaal ondernemerschap: een manier om leegstand tegen te gaan én iets bij te dragen aan een humanitaire opgave.
De Koninklijke Horeca Nederland (KHN) beschreef eerder hoe de zogeheten Hotel- en Accommodatieregeling bedoeld was om de druk op de opvang te verminderen en tegelijkertijd accommodaties financieel te compenseren.
Maar er is ook een prijskaartje
Tegenstanders wijzen erop dat opvang in hotels extreem duur is. Volgens cijfers waarover Binnenlands Bestuur schreef, kost een opvangplek in een hotel gemiddeld ongeveer 91.000 euro per jaar, tegenover circa 29.400 euro in een regulier asielzoekerscentrum.
Critici vinden daarom dat de overheid belastinggeld inefficiënt inzet. Zij stellen dat noodopvang in hotels symptoombestrijding is van falend asiel- en huisvestingsbeleid.
Daar komt bij dat complete hotels soms maanden of zelfs jaren niet meer beschikbaar zijn voor toeristen en zakelijke gasten. In sommige regio’s leidt dat tot zorgen bij winkeliers, horecaondernemers en recreatiebedrijven die afhankelijk zijn van toerisme. Media als De Telegraaf berichtten over middenstanders die vrezen voor omzetverlies doordat toeristen wegblijven wanneer hotels volledig worden ingezet voor opvang.
Maatschappelijke bezwaren en gevoelens van onrust
De grootste weerstand komt meestal niet van concurrent-hoteliers, maar uit de samenleving zelf. Omwonenden maken zich geregeld zorgen over veiligheid, leefbaarheid en druk op voorzieningen.
Die zorgen zijn niet altijd gebaseerd op concrete incidenten, maar vaak op onzekerheid: hoeveel mensen komen er, hoe lang blijven ze, wie houdt toezicht en wat betekent dit voor de buurt?
Gemeenten en het COA proberen die zorgen te ondervangen met beveiliging, buurtoverleggen en begeleiding. De gemeente Amersfoort meldde bijvoorbeeld dat ervaringen rondom opvanglocaties, waaronder Hotel Campanile, over het algemeen beheersbaar zijn en dat incidenten snel worden opgepakt.
Tegelijkertijd blijft het onderwerp politiek uiterst gevoelig. Voor tegenstanders symboliseren hotelopvanglocaties een overheid die grip kwijt is op migratie. Voor voorstanders tonen ze juist aan dat ondernemers en overheden pragmatisch proberen om een humanitaire crisis op te vangen.
Het spanningsveld voor ondernemers
Voor ondernemers zelf is de keuze vaak minder ideologisch dan het publieke debat doet vermoeden. Veel hotelhouders kijken in eerste instantie naar continuïteit van hun bedrijf. Een langdurig contract met het COA betekent stabiele cashflow, terwijl reguliere hotelmarkten grillig kunnen zijn.
Maar die keuze kan ook reputatieschade opleveren. Sommige ondernemers krijgen te maken met boze reacties van buurtbewoners of negatieve aandacht op sociale media. Anderen verliezen juist vaste klanten die liever ergens anders verblijven.
Daarmee ontstaat een opvallend spanningsveld: ondernemers handelen rationeel vanuit hun bedrijfsvoering, maar belanden onvermijdelijk midden in een emotioneel maatschappelijk debat.
Wegen de voordelen op tegen de bezwaren?
Dat hangt sterk af van het perspectief. Vanuit ondernemersoogpunt zijn de voordelen duidelijk: zekerheid, bezetting en stabiele inkomsten. Vanuit overheidsoptiek bieden hotels snelheid in een opvangcrisis. Maar maatschappelijk blijft de kritiek bestaan dat noodopvang in hotels duur, tijdelijk en onvoldoende structureel is.
Bovendien raakt de discussie aan een dieper gevoel in de samenleving: veel Nederlanders ervaren druk op de woningmarkt, zorg en voorzieningen, en zien hotelopvang als zichtbaar bewijs van een systeem dat onder spanning staat.
Toch laat de praktijk ook zien dat opvanglocaties lang niet overal tot grote problemen leiden. Waar gemeenten, ondernemers, buurtbewoners en het COA intensief samenwerken, blijkt opvang soms relatief geruisloos te verlopen.
De keuze van een hotelier om asielzoekers op te vangen is daarom zelden zwart-wit. Het is een zakelijke beslissing met maatschappelijke gevolgen, en precies daardoor raakt het debat zoveel mensen.
Heeft u een foutje gezien of beschikt u over aanvullende informatie? Neem dan contact met ons op.





